ECLI:NL:RBROT:2020:3506
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Wijziging zorgmachtiging tot toevoeging verplichte insluiting op grond van Wvggz
Op 31 maart 2020 verzocht de officier van justitie de rechtbank Rotterdam om wijziging van een eerder afgegeven zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). Het verzoek betrof het toevoegen van verplichte insluiting als vorm van zorg, omdat betrokkene door haar psychische stoornis ernstig nadeel veroorzaakte en vrijwillige zorg niet mogelijk bleek.
Tijdens de mondelinge behandeling op 2 april 2020 werd betrokkene met haar advocaat en een arts in opleiding tot psychiater gehoord. De arts gaf aan dat betrokkene zich afdelingsontwrichtend gedroeg, verbaal agressief was en niet stuurbaar, waardoor noodmedicatie en afzondering noodzakelijk waren. Betrokkene moest opnieuw op medicatie worden ingesteld, waarbij het risico op herhaling van incidenten aanwezig is.
De rechtbank oordeelde dat het gedrag van betrokkene ernstig nadeel oplevert en dat er geen minder bezwarende alternatieven zijn die hetzelfde effect bereiken. De toevoeging van verplichte insluiting, voornamelijk afzondering op eigen kamer met deur op slot, is evenredig en naar verwachting effectief. De wijziging van de zorgmachtiging wordt verleend tot en met 18 mei 2020.
De beschikking is op 2 april 2020 mondeling gegeven en op 14 april 2020 schriftelijk uitgewerkt. Tegen deze beschikking staat cassatie open.
Uitkomst: De rechtbank wijzigt de zorgmachtiging door verplichte insluiting toe te voegen tot en met 18 mei 2020.