Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
e griffier is verhinderd de uitspraak te ondertekenen
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam heeft op 15 juni 2020 uitspraak gedaan over het verzet van opposant tegen de uitspraak van 1 mei 2020, waarin verzoeken om herziening en vervallenverklaring van diverse eerdere uitspraken werden afgewezen of niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank oordeelde dat het verzet ongegrond is omdat het beroep van opposant terecht zonder zitting is afgedaan. Opposant had opnieuw stukken overgelegd die volgens hem de onjuistheid van eerdere UWV-besluiten zouden aantonen, maar de rechtbank stelde dat er geen plaats meer is voor inhoudelijke discussie over onherroepelijke besluiten waartegen reeds zonder succes rechtsmiddelen zijn aangewend.
De voorzieningenrechter verklaarde zich onbevoegd kennis te nemen van het verzet tegen haar uitspraak van 1 mei 2020. De rechtbank waarschuwde opposant dat voortzetting van onduidelijke en slecht onderbouwde verzoeken kan leiden tot niet-ontvankelijkheid wegens misbruik van recht. Tevens moet opposant griffierecht voldoen of aantonen dat hij daartoe niet in staat is.
De uitspraak betekent dat opposant definitief is uitgeprocedeerd met betrekking tot de aangevochten kwesties en geen schadevergoeding zal ontvangen.
Uitkomst: Het verzet tegen de uitspraak van 1 mei 2020 wordt ongegrond verklaard en opposant is definitief uitgeprocedeerd.