Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..Het verloop van de procedure
2..De feiten
3..Het verzoek
4..Het verweer en het (voorwaardelijk) tegenverzoek
5..Het verweer tegen het (voorwaardelijk) tegenverzoek
6..De beoordeling
“beding tussen de werkgever en de werknemer waarbij deze laatste wordt beperkt in zijn bevoegdheid om na het einde van de overeenkomst op zekere wijze werkzaam te zijn”. Artikel 13 ziet Pro ook op de situatie - die hier mede aan de orde is - dat de werknemer
tijdenshet dienstverband de werkgever concurrentie aandoet. Voor zover het concurrentiebeding ziet op laatstgenoemde situatie, is naar het oordeel van de kantonrechter geen sprake van een concurrentiebeding in de zin van artikel 7:653 BW Pro, maar van een verkapt nevenwerkzaamhedenbeding.