ECLI:NL:RBROT:2020:967
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake intrekking vergunning en afwikkeltermijn financiële onderneming
De AFM heeft op 10 december 2019 de vergunning van verzoekster ingetrokken vanwege structurele overtredingen van wet- en regelgeving, waaronder onvoldoende beleid ter voorkoming van witwassen. Verzoekers maakten bezwaar en vroegen om een voorlopige voorziening. De rechtbank hield op 21 januari 2020 een zitting achter gesloten deuren.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de intrekking voorlopig rechtmatig is en dat verzoekster niet langer vergunningplichtige activiteiten mag ontplooien. Wel werd een voorziening getroffen waardoor de afwikkeltermijn van zes maanden niet direct ingaat, maar pas na een positief besluit op de vergunningaanvraag van de opvolgende beheerder. Tevens werd bepaald dat de aantekening in het register aangepast moet worden met een tekst die de situatie correct weergeeft.
De rechtbank wees het verzoek tot schorsing van de intrekking af, maar gaf wel gedeeltelijk gehoor aan verzoekers door de afwikkeltermijn te verlengen en de aantekening in het register aan te passen. De AFM werd tevens opgedragen het betaalde griffierecht te vergoeden. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Intrekking vergunning wordt niet geschorst, maar afwikkeltermijn en aantekening in het register worden aangepast.