ECLI:NL:RBROT:2021:1279
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid na zorgvuldige beoordeling
Eiseres, wegens lage rugpijn arbeidsongeschikt sinds september 2017, vroeg op 16 juni 2019 een WIA-uitkering aan. Na een verzekeringsgeneeskundig onderzoek concludeerde de primaire verzekeringsarts dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt was, mede vanwege discrepantie tussen medische gegevens en haar beleving. De arbeidsdeskundige bepaalde een arbeidsongeschiktheidspercentage van 1,55%, later bij bezwaar 15,14%, beide onder de 35%.
Eiseres voerde aan dat niet alle beperkingen en mogelijke toekomstige behandelingen waren meegenomen, waaronder knieoperaties en psychische klachten. De rechtbank oordeelde dat het onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, met inachtneming van medische informatie en vaste jurisprudentie. De subjectieve klachtenbeleving van eiseres was niet doorslaggevend; het ging om objectief vastgestelde beperkingen.
De rechtbank verwierp het bezwaar dat functies onterecht waren geselecteerd vanwege taalbeheersing, aangezien rekening was gehouden met het opleidingsniveau en de mogelijkheid om eenvoudige instructies te begrijpen. De vastgestelde mate van arbeidsongeschiktheid bleef onder de 35%, waardoor het beroep ongegrond werd verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard omdat eiseres minder dan 35% arbeidsongeschikt is.