Verzoekster was van 11 november 2019 tot 10 november 2020 in dienst bij verweerster als helpende zorg niveau 2 / slaapwacht. De arbeidsovereenkomst eindigde van rechtswege en werd niet verlengd. Verzoekster vorderde een transitievergoeding en een aanzegvergoeding omdat zij niet tijdig was geïnformeerd over het niet voortzetten van de arbeidsovereenkomst.
Verweerster betwistte de transitievergoeding omdat verzoekster niet beschikte over het vereiste diploma en stelde dat zij daarom niet in aanmerking kwam. Ook werd de aanzegvergoeding betwist omdat de arbeidsovereenkomst expliciet was aangezegd niet te worden verlengd.
De kantonrechter oordeelde dat verzoekster geen verwijt treft over het ontbreken van het diploma en dat verweerster had moeten controleren of verzoekster over het diploma beschikte. Daarom is de transitievergoeding toe te kennen, berekend op basis van het bruto maandsalaris en onregelmatigheidstoeslag. De aanzegvergoeding werd afgewezen omdat de arbeidsovereenkomst tijdig was aangezegd niet te worden verlengd en het aanbod tot een andere functie niet als verlenging kon worden opgevat.
De kantonrechter veroordeelde verweerster tot betaling van een bruto transitievergoeding van € 754,66, vermeerderd met wettelijke rente en stelde een dwangsom in voor het niet verstrekken van een bruto/netto specificatie. De proceskosten werden gecompenseerd.