Eiseres was werkzaam bij de korpschef van politie en verzocht om een aanpassing van haar inschaling van schaal 8 naar schaal 9 met behoud van OVW-periodieken. Verweerder wees dit verzoek af en handhaafde het functiewijzigingsbesluit van mei 2017.
De rechtbank oordeelde dat er geen nieuwe feiten of veranderende omstandigheden waren die aanleiding gaven om het oorspronkelijke besluit terug te draaien. Voor de toekomst was de inschaling volgens verweerder correct, omdat eiseres niet definitief in de waargenomen functie was benoemd.
Eiseres stelde dat haar opgebouwde OVW-periodieken behouden hadden moeten blijven, maar de rechtbank volgde dit niet omdat de beleidsregels een onderscheid maken tussen definitieve benoeming en waarneming.
Daarnaast werd een verzoek om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn gehonoreerd. De bezwaar- en beroepsprocedure duurde bijna drie jaar, waarbij de overschrijding vooral aan de rechtbank toe te rekenen was. De rechtbank kende een vergoeding van €1.000 toe.
Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek tot proceskostenveroordeling van verweerder werd afgewezen.