Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 25 februari 2022 in de zaken tussen
[eiseres] , te [plaats] , eiseres,
de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, verweerder,
Procesverloop
Overwegingen
Datum en tijdstip van de bevinding: 7 september 2018 omstreeks 10:00 uur.
Datum en tijdstip van de bevinding: 16 januari 2020 omstreeks 12:45 uur.
Datum en tijdstip van de bevinding: 3 juni 2019 omstreeks 14:45 uur.
Beslissing
- verklaart de beroepen ROT 20/5946 en ROT 20/6345 ongegrond;
- verklaart het beroep ROT 20/5031 gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit in ROT 20/5031, voor zover het ziet op de hoogte van de boete in boetezaak 20190020;
- herroept het primaire besluit van 5 april 2019 in boetezaak 20190020, voor zover dat ziet op de hoogte van de boete;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde deel van het besluit;
- stelt het boetebedrag in boetezaak 20190020 vast op € 5.000,-;
- bepaalt dat verweerder aan eiseres het in ROT 20/5031 betaalde griffierecht van € 354,- vergoedt;
- veroordeelt verweerder in ROT 20/5031 in de proceskosten van eiseres tot een bedrag van € 2.600,-.