Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam eiser] , uit [plaats] , eiser
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen (het UWV), verweerder
Procesverloop
Wat er aan deze procedure vooraf ging
4. Eiser heeft bezwaar gemaakt. Een verzekeringsarts bezwaar en beroep en een arbeidsdeskundige bezwaar en beroep hebben opnieuw naar de zaak van eiser gekeken. Volgens de verzekeringsarts bezwaar en beroep zijn de beperkingen juist vastgesteld. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep kon zich niet vinden in de beoordeling van de arbeidsdeskundige. Twee van de drie voor de berekening geselecteerde functies zijn volgens hem niet geschikt voor eiser. De arbeidsdeskundige had nog twee extra functies geselecteerd, die niet bij de berekening waren betrokken. De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep acht één van deze twee functies ook niet geschikt. Bij een hernieuwde CBBSraadpleging is de arbeidsdeskundige bezwaar en beroep gebleken dat er voldoende geschikte alternatieven zijn te duiden ter vervanging van de vervallen functies. De arbeidsdeskundige in bezwaar heeft het arbeidsongeschiktheidspercentage van eiser vastgesteld op 33,08%. Hierop heeft het UWV het bestreden besluit genomen.
Wat eiser vindt
Waarover het gaat in deze zaak
WIA-uitkering, omdat hij minder dan 35% arbeidsongeschikt is. De rechtbank moet die vraag beantwoorden aan de hand van wat eiser daartegen in heeft gebracht. Belangrijk punt is dat het gaat om de medische toestand van eiser op 30 september 2020 en de vraag welke beperkingen daaruit volgen.
Wat de rechtbank vindt
Het UWV mag besluiten over iemands arbeidsongeschiktheid baseren op rapporten van (verzekerings)artsen en arbeidsdeskundigen. Deze rapporten moeten dan wel aan een aantal voorwaarden voldoen: zij moeten op zorgvuldige wijze tot stand zijn gekomen, ze mogen geen tegenstrijdigheden bevatten en de rapporten moeten begrijpelijk zijn. Het is aan eiser om aannemelijk te maken dat de rapporten die over hem zijn opgesteld niet aan deze voorwaarden voldoen.
30 oktober 2018.
De medische beoordeling
De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft berekend dat eiser op
30 september 2020 met de middelste van de geduide functies 66,92% kan verdienen van het loon dat hij voorheen verdiende als schilder, zodat eiser voor de overige 33,08% arbeidsongeschikt is.
De conclusie van de rechtbank
Het beroep van eiser is ongegrond. Dit betekent dat hij geen gelijk krijgt. Omdat eiser in beroep geen gelijk krijgt, worden de door hem gemaakte proceskosten of het betaalde griffierecht niet vergoed.