Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter van 7 december 2023 in de zaak tussen
[verzoekster] , uit [plaats] , verzoekster
Stichting Autoriteit Financiële Markten, de AFM
Inleiding
- namens verzoekster: haar gemachtigden, haar bestuurder [bestuurder] en verder
- namens de AFM: haar gemachtigden en haar toezichthouders/juristen mr. A.J. van Es, mr. C.M.I. van Asperen de Boer, M. Hubers MSc. en J. Jantzen.
Totstandkoming van het besluit
Ook was de AFM gebleken dat verzoekster daarna met een persbericht van
[datum 2] de markt informeerde dat de herfinanciering van een deel van de portefeuille aan meerdere koopovereenkomsten voor de grondposities in [gemeente] van
[bedrag 1] was gekoppeld. In het kader van haar onderzoek heeft de AFM bij verzoekster meerdere keren informatie en documentatie opgevraagd.De uitkomsten van dit onderzoek zijn in een rapport van 31 januari 2023 opgenomen.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
- artikel 17, eerste lid, van de MAR heeft overtreden door niet zo snel mogelijk openbaar te maken dat zij op [datum 3] met de Projectontwikkelaar overeenstemming heeft bereikt over de verkoop van tien [gemeente] percelen voor een bedrag van [bedrag 1] (gedraging 1);
- artikel 15 van Pro de MAR heeft overtreden door op [datum 3] , op [datum 4] en op [datum 5] informatie te verspreiden waardoor daadwerkelijk of waarschijnlijk onjuiste of misleidende signalen werd afgegeven met betrekking tot het aanbod van, de vraag naar of de koers van het aandeel [aandeel] , terwijl zij wist of had moeten weten dat die informatie onjuist of misleidend was (gedraging 2).
[persoon 4] (namens de Projectontwikkelaar) in het bijzijn van makelaar [persoon 5] (de Makelaar) mondelinge afspraken gemaakt. In dat verband heeft verzoekster uitgelegd dat het de intentie van partijen was om de percelen met winstdeling te gaan ontwikkelen. Of het tot ontwikkeling zou komen, was onzeker omdat er nog gesprekken met de Gemeente [gemeente] over een samenwerkingsovereenkomst moesten plaatsvinden. De afspraak over winstdeling zou in de leveringsakten worden neergelegd, als het daadwerkelijk tot een samenwerkingsovereenkomst met de Gemeente [gemeente] zou komen. Alleen dan zou volgens verzoekster levering aan de orde komen.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
mr.P.F.H.M. Terstegge, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op
7 december 2023.