De huurder [gedaagde01] huurt sinds 2013 een woning van Vestia, gelegen in een veiligheidsrisicogebied. Na meldingen over drugshandel en overlast deed de politie op 6 januari 2022 een doorzoeking waarbij handelshoeveelheden harddrugs en weegschalen werden aangetroffen. De burgemeester sloot de woning op grond van de Opiumwet voor drie maanden.
Vestia ontbond de huurovereenkomst buitengerechtelijk en vorderde ontruiming en betaling van huurachterstand. De huurder betwistte handel, stelde dat drugs voor eigen gebruik waren en dat de aanloop van bezoekers verkeerd werd geïnterpreteerd. De kantonrechter oordeelde dat de aangetroffen hoeveelheid drugs en weegschalen wijzen op handel, mede ondersteund door verklaringen van klanten en een lange historie van klachten over drugsoverlast.
De belangenafweging leidde tot de conclusie dat het belang van Vestia bij leefbaarheid en veiligheid zwaarder weegt dan het belang van de huurder bij behoud van de woning. De huurder werd veroordeeld tot ontruiming binnen 14 dagen, betaling van huurachterstand en schadevergoeding. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard, ondanks het risico op dakloosheid voor de huurder.