ECLI:NL:CRVB:2009:BI9724
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- J.J.A. Kooijman
- J.F. Bandringa
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke beoordeling intrekking en terugvordering bijstand wegens gezamenlijke huishouding
Appellante ontving bijstand en een tegemoetkoming kinderopvang van het College van Zoetermeer. Na anonieme tips startte het College een onderzoek naar haar woonsituatie en stelde vast dat zij met [d. S.] een gezamenlijke huishouding voerde zonder dit te melden, wat leidde tot intrekking en terugvordering van bijstand en kinderopvangtoeslag.
De rechtbank vernietigde deels het besluit over de periode 18 februari 2002 tot 14 augustus 2002, maar handhaafde de intrekking en terugvordering over latere perioden. Appellante ging in hoger beroep tegen deze beslissingen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de Raad niet bevoegd was over de kinderopvangtoeslag, die doorgezonden werd naar de Afdeling bestuursrechtspraak. De Raad bevestigde dat appellante vanaf 1 juni 2002 een gezamenlijke huishouding voerde en daarmee de inlichtingenverplichting schond, waardoor het College bevoegd was de bijstand in te trekken en terug te vorderen. Anonieme tips hadden geen bewijswaarde, maar rechtvaardigden nader onderzoek.
Verder werd geoordeeld dat de observaties rechtmatig waren en dat de verklaringen van appellante en getuigen toelaatbaar waren. De Raad vernietigde het besluit over de periode 18 februari 2002 tot 1 juni 2002 en bepaalde dat het College opnieuw moet beslissen over de terugvordering. De proceskosten werden aan het College opgelegd.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand over de periode 18 februari 2002 tot 1 juni 2002 wordt vernietigd en het College moet opnieuw beslissen, overige besluiten blijven grotendeels in stand.