Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1..De procedure
- de dagvaarding van 19 januari 2022, met producties;
- de conclusie van antwoord van 23 december 2022;
- de mondelinge behandeling van 9 mei 2023, waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt.
2..De zaak in het kort
3..De feiten
4..Het geschil
5..De beoordeling
- De vrouw betaalt aan de man een bedrag van € 15.000,00 op grond van artikel 13 van Pro de samenlevingsovereenkomst (vordering III onder a);
- De inboedel wordt verdeeld conform de door de man opgestelde en door de vrouw akkoord bevonden inboedellijst (vordering V) (toev. rb prod. 21 bij dv);
- De man heeft gevorderd dat de vrouw wordt veroordeeld tot het verlenen van haar medewerking aan de levering van de bankrekening aan de man. De rechtbank begrijpt dit aldus dat de bankrekening op naam zal worden gesteld van de man en dat de vrouw haar medewerking hieraan zal verlenen (vordering VI);
- Het positieve saldo op de bankrekening ten tijde van de levering van de woning komt elke partij voor de helft toe. Indien het saldo negatief is, wordt dit bedrag door partijen ieder voor de helft gedragen (vordering VII);
- Ter zitting is gebleken dat partijen het eens zijn over de proceskostenveroordeling, in die zin dat de proceskosten worden gecompenseerd, omdat partijen voormalige levenspartners zijn (vordering VII).