ECLI:NL:RBROT:2023:599
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.C.W. van der Feltz
- Rechtspraak.nl
Matiging bestuurlijke boete voor manipulatie tachograaf in goederenvervoer
Eiser, een kleine onderneming actief in goederenvervoer, kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens aanwezigheid van een manipulatievoorziening in de tachograaf van een vrachtwagen. De overtreding werd vastgesteld na een controle op 11 november 2020, waarbij een gemanipuleerde tachograaf werd geconstateerd. Eiser betwistte de boete onder meer vanwege het ontbreken van een mogelijkheid om te reageren op het onderzoek van de fabrikant en voerde aan niet op de hoogte te zijn van de manipulatie.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht mocht afgaan op het boeterapport en de e-mail van de deskundige van de fabrikant, die de manipulatie bevestigde. Er was geen schending van het recht op hoor en wederhoor. De rechtbank stelde vast dat eiser de tachograaf had laten ijken door een erkend dealer, wat voldoende inspanning was om de situatie te controleren.
Hoewel eiser niet wist van de manipulatie en beperkte draagkracht had, ontbraken concrete financiële gegevens om matiging op die grond te rechtvaardigen. De rechtbank vond echter dat de Beleidsregel boeteoplegging onvoldoende rekening houdt met verminderde verwijtbaarheid en onvoldoende differentieert in boetehoogte. Daarom werd de boete met 50% gematigd naar €5.187,50. Verweerder werd tevens veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wegens manipulatie van de tachograaf wordt gematigd van €10.375,- naar €5.187,50.