ECLI:NL:RBROT:2023:6535
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.C.W. van der Feltz
- Rechtspraak.nl
Gegrond beroep tegen niet-ontvankelijkheid bezwaar parkeerbelasting met gedeeltelijke proceskostenvergoeding
Verweerder legde eiser een naheffingsaanslag parkeerbelasting op wegens onbetaald parkeren op de Wolphaertsbocht te Rotterdam. Eiser maakte bezwaar, dat door verweerder onterecht niet-ontvankelijk werd verklaard. Eiser stelde beroep in tegen deze beslissing.
De rechtbank oordeelt dat het bezwaar van eiser binnen de wettelijke termijn is ingediend en dat de niet-ontvankelijkverklaring onterecht was. Dit deel van het bestreden besluit wordt vernietigd. Ten aanzien van de inhoudelijke naheffingsaanslag is de rechtbank van oordeel dat deze rechtmatig is opgelegd, mede omdat de parkeerregels duidelijk waren aangegeven met borden en een parkeerautomaat, ondanks de aanwezigheid van een blauwe wegmarkering die verwarring kon veroorzaken.
De rechtbank wijst het verzoek van eiser om proceskostenvergoeding in bezwaar af, omdat er geen onrechtmatigheid aan de zijde van verweerder is in de inhoudelijke naheffing. Wel veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten in beroep, zij het met een lichte wegingsfactor en een halvering vanwege het gedeeltelijk gelijk krijgen van eiser. Tevens wordt verweerder opgedragen het door eiser betaalde griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard voor de niet-ontvankelijkheid, het bestreden besluit wordt op dat punt vernietigd, de naheffingsaanslag blijft in stand en verweerder wordt veroordeeld tot gedeeltelijke proceskostenvergoeding.