ECLI:NL:RBROT:2023:9625
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Toewijzing aanzegvergoeding en betaling ingehouden vakantiedagen aan werknemer
Verzoekster was werkzaam bij Khotinsky op basis van een contract voor bepaalde tijd van 1 juli 2022 tot 30 juni 2023. Zij vordert betaling van de aanzegvergoeding omdat zij niet tijdig schriftelijk is geïnformeerd over het al dan niet voortzetten van haar arbeidsovereenkomst. Daarnaast eist zij betaling van niet uitbetaalde vakantie-uren die ten onrechte zijn verrekend met min-uren.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft verzoekster toegelicht dat zij en collega’s in de zomerperiode minder uren werken vanwege minder klanten, maar deze uren normaal gesproken later inhalen. Omdat zij geen overzicht kreeg van de in te halen uren, kon zij deze niet tijdig compenseren. De werkgever heeft dit niet weersproken.
De kantonrechter oordeelt dat Khotinsky de aanzegvergoeding van € 3.076,15 bruto moet betalen en daarnaast € 2.194,62 bruto aan achterstallig loon voor 117,46 niet-betaalde vakantie-uren. Tevens wordt een wettelijke verhoging van 50% (€ 1.097,31) en wettelijke rente toegewezen. Khotinsky wordt veroordeeld een correcte bruto-netto-specificatie te verstrekken en proceskosten van € 879,- te vergoeden.
Uitkomst: Werkgever wordt veroordeeld tot betaling van aanzegvergoeding, achterstallig loon, wettelijke verhoging en rente, en tot het verstrekken van een correcte eindafrekening.