Stichting Woonbron vordert ontbinding van de huurovereenkomst met [gedaagde01] voor een bedrijfsruimte in Rotterdam wegens een huurachterstand die is opgelopen tot €9.326,52 tot en met augustus 2023. Daarnaast eist zij betaling van een contractuele boete, buitengerechtelijke incassokosten en maandelijkse huur tot ontruiming.
[gedaagde01] erkent een betalingsachterstand maar stelt dat hij deze deels heeft ingelopen en verzoekt om een betalingsregeling vanwege persoonlijke omstandigheden. De kantonrechter oordeelt dat de achterstand van bijna vijf maanden ernstig genoeg is voor ontbinding en dat de persoonlijke omstandigheden onvoldoende zijn onderbouwd om dit tegen te houden.
De kantonrechter wijst de ontbinding toe, veroordeelt [gedaagde01] tot ontruiming binnen veertien dagen na betekening en tot betaling van de huurachterstand, contractuele boete en incassokosten, waarbij de wettelijke rente wordt afgewezen vanwege het boetebeding. De gevorderde stook-/servicekosten worden niet toegewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en [gedaagde01] wordt veroordeeld in de proceskosten.