Eiser heeft in korte tijd 155 aanvragen ingediend voor het STAP-budget, een subsidie voor scholing en ontwikkeling. De rechtbank constateert dat deze aanvragen vrijwel identiek en incompleet zijn, en dat de gemachtigde van eiser doelbewust het werkproces van de verweerder frustreert door aanvragen naar onjuiste antwoordnummers te sturen.
De rechtbank oordeelt dat het niet aannemelijk is gemaakt dat de handelwijze van eiser en zijn gemachtigde gericht is op het verbeteren van de arbeidsmarktpositie van eiser. Integendeel, het patroon wijst op het maken van winst door het voeren van procedures. Eerdere uitspraken bevestigen dit misbruik van recht.
Hierdoor verklaart de rechtbank het bezwaar van eiser niet-ontvankelijk wegens misbruik van recht en wijst het beroep tegen het besluit van 17 januari 2024 ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam op 11 december 2024.