Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 14 mei 2024, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen;
- de brief namens [eiser] , met bijlagen;
- de spreekaantekeningen van de gemachtigde van [eiser] .
Rechtbank Rotterdam
De werknemer was tot zijn opzegging werkzaam als uitvaartverzorger bij Kievit en gebonden aan een concurrentiebeding dat hem verbood gedurende vijf jaar op of vanuit Goeree-Overflakkee en Voorne-Putten vergelijkbare werkzaamheden te verrichten. Na zijn overstap naar een concurrent ontstond discussie over de geldigheid van het concurrentiebeding. In een eerder kort geding werd het beding gedeeltelijk geschorst.
De kantonrechter oordeelt dat het overeengekomen concurrentiebeding geldig is, maar vernietigt het per datum vonnis wegens onbillijke benadeling van de werknemer. De duur van vijf jaar is uitzonderlijk lang en niet gerechtvaardigd door de belangen van de werkgever of de specifieke kenmerken van de uitvaartbranche. De werkgever kon geen geldige afspraak aantonen waarin de lange duur was overeengekomen.
De verstoring van de concurrentiepositie van de werkgever door het werken van de werknemer bij een concurrent is beperkt tot een kleine groep nabestaanden en incidentele situaties. De werknemer wordt door het beding ernstig beperkt in zijn werkgebied, wat leidt tot onredelijke reistijden en belemmeringen.
De kantonrechter veroordeelt de werkgever tot betaling van de proceskosten en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Het concurrentiebeding geldt niet langer en de werknemer mag zijn werkzaamheden onbelemmerd voortzetten vanaf de datum van het vonnis.
Uitkomst: Het concurrentiebeding is vernietigd per datum vonnis en de werknemer mag onbelemmerd zijn werkzaamheden voortzetten.