ECLI:NL:RBROT:2024:2688
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen verlengde spoedsluiting woning wegens ernstige verstoring openbare orde
De burgemeester van Rotterdam heeft op 14 maart 2024 besloten de spoedsluiting van de woning van verzoeker aan een adres in Rotterdam met één maand te verlengen tot 17 april 2024. Deze maatregel is genomen vanwege ernstige verstoringen van de openbare orde rond de woning, waaronder meerdere explosies, dreigbrieven en een schietincident. Verzoeker heeft bezwaar gemaakt en een voorlopige voorziening gevraagd om weer toegang tot de woning te krijgen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek behandeld en vastgesteld dat verzoeker door de sluiting dakloos is en geen vervangende woonruimte heeft kunnen vinden, wat een spoedeisend belang oplevert. De burgemeester is bevoegd op grond van artikel 174a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Gemeentewet om de woning te sluiten bij ernstige verstoring van de openbare orde. Uit de bestuurlijke rapportages blijkt concreet dat meerdere incidenten met explosieven en geweld gericht waren op de woning en familieleden.
Hoewel verzoeker betoogt dat er geen verband is met het criminele circuit en dat hij geen antecedenten heeft, acht de voorzieningenrechter de sluiting noodzakelijk en proportioneel. De burgemeester heeft het algemeen belang en het belang van de buren zwaarder mogen wegen dan het individuele belang van verzoeker. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen, waardoor de woning tot 17 april 2024 gesloten blijft.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen verlengde spoedsluiting woning wordt afgewezen.