ECLI:NL:RVS:2021:2838
Raad van State
- Hoger beroep
- C.H.M. van Altena
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- J.M.L. Niederer
- Rechtspraak.nl
Herroeping noodbevel burgemeester Rotterdam wegens onvoldoende motivering en onderzoek
De burgemeester van Rotterdam gaf op 28 februari 2019 een noodbevel aan appellanten sub 2, wonend in een kindvriendelijke wijk, vanwege twee schietincidenten op hun woning. Het bevel verplichtte hen het pand te verlaten en een gebiedsverbod op te leggen. De burgemeester motiveerde dit met een ernstige vrees voor het ontstaan van ernstige wanordelijkheden, gebaseerd op een bestuurlijke rapportage van de politie.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellanten gegrond en vernietigde het noodbevel voor de periode van 28 februari tot 27 maart 2019 wegens onvoldoende onderzoek en motivering. De burgemeester stelde hoger beroep in, appellanten incidenteel. De Afdeling bestuursrechtspraak behandelde het hoger beroep en oordeelde dat de burgemeester onvoldoende concrete informatie had ingewonnen over de achtergrond van de beschietingen en onvoldoende had gemotiveerd waarom het noodbevel noodzakelijk en proportioneel was.
Hoewel de burgemeester zich baseerde op politieadviezen en het recht op leven zwaarwegend achtte, ontbrak het aan een zorgvuldige afweging van subsidiariteit en proportionaliteit. De Afdeling bevestigde het oordeel van de rechtbank en herroept het noodbevel ook voor de periode 28 februari tot 27 maart 2019. Tevens veroordeelde zij de burgemeester tot vergoeding van proceskosten van € 748,00 en legde griffierecht op.
Uitkomst: Het noodbevel van de burgemeester wordt herroepen wegens onvoldoende motivering en onderzoek.