De zaak betreft een verzoek van Stichting Enver tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer die sinds 1991 in dienst is, vanwege het vervallen van zijn functie als werk-leermeester in de dagbesteding. Enver had geen toestemming van het UWV gekregen voor opzegging vanwege bedrijfseconomische redenen en verzocht daarom de kantonrechter om ontbinding.
De kantonrechter oordeelt dat er geen sprake is van een opzegverbod wegens ziekte, aangezien de bedrijfsarts en het UWV hebben vastgesteld dat de werknemer niet arbeidsongeschikt is. Wel is vastgesteld dat Enver niet heeft voldaan aan haar herplaatsingsverplichting; zij heeft onvoldoende initiatief genomen om de werknemer te herplaatsen in een passende functie, terwijl de werknemer al meer dan 30 jaar in dienst is.
Daarnaast heeft Enver nagelaten de werknemer tijdig bij te scholen voor de vereiste SKJ-registratie, waardoor hij niet inzetbaar is voor andere functies binnen de organisatie. Dit wordt gezien als een tekortkoming in het goed werkgeverschap. Gelet hierop wordt het verzoek tot ontbinding afgewezen en moet Enver de proceskosten betalen.