ECLI:NL:RBROT:2024:577
Rechtbank Rotterdam
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid wrakingsverzoek wegens misbruik wrakingsmiddel bij betalingsonmacht griffierecht
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen de rechter in een bestuursrechtelijke procedure over een beroepschrift tegen een afwijzend besluit van het Openbaar Ministerie inzake een voorschot op schadevergoeding. Het verzoek richtte zich feitelijk tegen de griffier vanwege afwijzing van een beroep op betalingsonmacht van het griffierecht.
De rechtbank oordeelde dat een wrakingsverzoek alleen kan worden gericht tegen de rechter die de zaak behandelt. Omdat de zaak nog niet aan een rechter was toegewezen en de correspondentie uitsluitend van de griffier kwam, was het verzoek niet-ontvankelijk. Tevens werd vastgesteld dat verzoeker herhaaldelijk wrakingsverzoeken had ingediend bij afwijzing van betalingsonmacht, wat werd aangemerkt als misbruik van het wrakingsmiddel.
De rechtbank bepaalde dat een volgend wrakingsverzoek op dezelfde grondslag niet in behandeling wordt genomen. Een mondelinge behandeling van het verzoek vond niet plaats omdat het debat over de gegrondheid niet aan de orde was. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Verzoeker wordt niet-ontvankelijk verklaard in het wrakingsverzoek en een volgend wrakingsverzoek op dezelfde grondslag wordt niet in behandeling genomen.