De rechtbank Rotterdam behandelt een civiele zaak over de vaststelling van brandschade aan een woonboerderij. De verzekerde had een schade-expert benoemd, Tegenwicht Contra-Expertise, die samen met een expert van de verzekeraar de schade moest vaststellen. De rechtbank kwalificeert deze opdracht als een bindend advies, waarbij de experts gezamenlijk tot een schadevaststelling komen die als uitsluitend bewijs geldt.
Tegenwicht Contra-Expertise en de door haar ingeschakelde expert voerden aan dat zij slechts als contra-expert waren benoemd en niet als bindend adviseur, en dat zij niet onpartijdig hoefden te zijn. De rechtbank verwierp dit en benadrukte dat een schade-expert zich objectief moet opstellen en de belangen van alle partijen moet wegen. De rechtbank oordeelde tevens dat een mondelinge instemming van de verzekerde met het schadebedrag onvoldoende is om rechtsverwerking aan te nemen.
De rechtbank benoemt een onafhankelijke deskundige om te onderzoeken of er een relevant verschil is tussen de vastgestelde schade en de werkelijke brandschade, inclusief bijkomende kosten conform polisvoorwaarden. De deskundige krijgt een termijn van vier maanden voor het onderzoek en het opstellen van een rapport. Partijen zijn verplicht mee te werken aan het onderzoek. Verder wijst de rechtbank een verzoek van Tegenwicht Contra-Expertise en de expert af om tussentijds hoger beroep toe te staan.
De procedure wordt voortgezet na ontvangst van het deskundigenrapport, waarna verdere beslissingen zullen volgen.