ECLI:NL:RBROT:2024:7084
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gevolgen van schone-lei-verklaring voor invordering ten onrechte genoten bijstand
De rechtbank Rotterdam behandelt een zaak waarin eiser bezwaar maakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Nissewaard tot invordering van ten onrechte ontvangen bijstand en een opgelegde boete. Eiser was toegelaten tot de schuldsaneringsregeling en kreeg op 29 augustus 2023 een schone-lei-verklaring.
De rechtbank beoordeelt of het college de bijstand over de periode van 19 april 2018 tot en met 31 mei 2020 en de boete mag invorderen. De rechtbank stelt vast dat de invordering van de bijstand die betrekking heeft op de periode vóór toelating tot de schuldsaneringsregeling niet meer afdwingbaar is vanwege de schone-lei-verklaring, conform artikel 299 en Pro 358 van de Faillissementswet en jurisprudentie van de Hoge Raad.
De boete, die na toelating is opgelegd, valt niet onder de schone-lei en mag wel worden ingevorderd. Het beroep van eiser wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het college wordt opgedragen een nieuwe beslissing te nemen. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en het college dient een nieuwe beslissing te nemen waarbij invordering van bijstand vóór de schuldsaneringsregeling niet mogelijk is.