Eiseres werd een bestuurlijke boete opgelegd wegens het vervoeren van een varken met een ernstige open wond op een navelbreuk, wat volgens het rapport van een toezichthoudend dierenarts voorafgaand aan het transport aanwezig was en het dier ongeschikt maakte voor vervoer.
De rechtbank oordeelt dat het rapport voldoende gemotiveerd is en dat eiseres niet is geschaad door het tijdsverloop tussen constatering en boetebesluit. De boeteverhoging wegens recidive is volgens de rechtbank passend en evenredig gezien de ernst en herhaling van de overtreding.
Eiseres voerde aan dat de wond geen ernstige open wond was, dat het tijdsverloop haar verdediging schaadde en dat de boete niet evenredig was. Deze bezwaren werden door de rechtbank verworpen. De boete blijft gehandhaafd en het beroep wordt ongegrond verklaard.