Verzoekster, eigenaar van drie woningen in Alblasserdam, kreeg van het college lasten onder dwangsom opgelegd vanwege het huisvesten van meer dan vier kamerbewoners zonder vergunning, in strijd met het Omgevingsplan en de Huisvestingsverordening. Tegen deze besluiten maakte zij bezwaar en verzocht om voorlopige voorzieningen.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de besluiten 1 en 3 terecht overtredingen constateren, maar dat de opgelegde lasten innerlijk tegenstrijdig en onduidelijk zijn. Verzoekster kan met het terugbrengen van het aantal bewoners naar vier niet aan de lasten voldoen vanwege de opkoopbescherming die een vergunning vereist. Daarom worden deze besluiten geschorst tot zes weken na het besluit op bezwaar. Het verzoek tegen besluit 2, een preventieve last, wordt afgewezen omdat het college dit mocht opleggen gezien eerdere overtredingen en dreiging.
Verder oordeelt de rechter dat het college verzoekster niet vooraf een zienswijze hoefde te bieden bij besluit 2 vanwege spoedeisendheid. Handhaving wordt niet als onevenredig gezien ondanks de herontwikkeling van het gebied. De cumulatie van sancties is toegestaan. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekster.