ECLI:NL:RBROT:2025:2250
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot schuldovername wegens onrechtmatige daad en toepassing Wet hersteloperatie toeslagen
Eiser, gedupeerde van de kinderopvangtoeslagaffaire, verzocht de minister van Financiën om overname van diverse geldschulden. De minister weigerde de overname van twee grote schulden die voortvloeien uit de executoriale verkoop van zijn woning vanwege een hennepkwekerij, omdat deze schulden zijn ontstaan uit een onrechtmatige daad.
De rechtbank oordeelt dat de minister terecht heeft vastgesteld dat de schulden voortkomen uit de onrechtmatige daad van het exploiteren van een hennepkwekerij, wat een strafbaar feit is en direct heeft geleid tot de restschulden. De minister heeft de schuld aan LAVG wel correct overgenomen voor het juiste bedrag.
Eiser stelde dat de schulden niet het gevolg zijn van een onrechtmatige daad en dat de regeling van de Wet hersteloperatie toeslagen (Wht) bedoeld is om volledige compensatie te bieden, maar dit verweer wordt verworpen. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel en de hardheidsclausule faalt, omdat de persoonlijke omstandigheden van eiser niet zodanig schrijnend zijn dat hiervan afgeweken moet worden.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt het besluit van de minister. Eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug. De uitspraak is gedaan door rechter A.J. van Spengen en griffier A.J. Huisman op 24 februari 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de schuldovername wordt ongegrond verklaard en het besluit van de minister blijft in stand.