ECLI:NL:RBROT:2025:417
Rechtbank Rotterdam
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen dwangsom en nadere beslistermijn bij bezwaar tegen Dienst Toeslagen afgewezen
Deze uitspraak betreft het verzet van opposante tegen de uitspraak van 30 augustus 2024, waarin de rechtbank een dwangsom van €1.442 wegens niet tijdig beslissen op bezwaar vaststelde en een nadere beslistermijn van 40 weken met een dwangsom van €50 per dag tot maximaal €15.000 oplegde.
De rechtbank heeft beoordeeld of een behandeling ter zitting tot een andere uitkomst had kunnen leiden en concludeert dat dit niet het geval is. Het verzet richt zich uitsluitend op de hoogte van de dwangsom en de nadere beslistermijn, welke conform eerdere uitspraken van de rechtbank zijn vastgesteld.
De kritiek van opposante op eerdere uitspraken wordt door de rechtbank niet onderschreven. De rechtbank acht de overwegingen uit eerdere uitspraken toereikend en verklaart het verzet ongegrond. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door rechter A. Dingemanse en griffier R. Stijnen, die verhinderd zijn de uitspraak te ondertekenen. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzet tegen de dwangsom en nadere beslistermijn wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.