ECLI:NL:RBROT:2025:7983
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing handhavingsverzoek inzake cameratoezicht gericht op woning
Eiser heeft een handhavingsverzoek ingediend tegen de gemeente Dordrecht vanwege draaibare camera’s die regelmatig op zijn woning gericht zijn. De burgemeester had de plaatsing van de camera’s besloten en de klachten van eiser eerder ongegrond verklaard. Verweerder, de Autoriteit Persoonsgegevens, wees het handhavingsverzoek af omdat geen overtreding van de Wet politiegegevens (Wpg) was vastgesteld.
De rechtbank oordeelt dat de verlengingen van het plaatsingsbesluit ongewijzigde voortzettingen zijn van het oorspronkelijke besluit uit 2015, vóór de inwerkingtreding van de DPIA-verplichting per 1 januari 2019. Daarom was het niet verplicht een Data Protection Impact Assessment uit te voeren. Ook is vastgesteld dat de camerabeelden van eiser zijn voorzien van een mozaïek-effect en blurring automatisch plaatsvindt, waardoor geen zicht is op privé-activiteiten.
De rechtbank concludeert dat verweerder terecht geen nader onderzoek heeft verricht en het handhavingsverzoek terecht heeft afgewezen. Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard, en hij krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het handhavingsverzoek terecht afgewezen.