Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Procedure
- de officier van justitie, mr. E.M. ter Braak;
- de opgeëiste persoon en zijn raadsman mr. H.G. Koopman, advocaat te Amsterdam.
2.Verzoek
3.Toepasselijk verdrag
4.Identiteit van de opgeëiste persoon
5.Genoegzaamheid van de stukken
6.Dubbele strafbaarheid
7.Onschuld van de opgeëiste persoon
Gevoerde verweren
dreigendeinbreuk op zijn fundamentele rechten als bedoeld in onder meer artikel 3 EVRM Pro voorbehouden aan de Minister. Indien evenwel komt vast te staan dat in de zaak waarvoor de uitlevering van de opgeëiste persoon is gevraagd, sprake is van een
voltooideinbreuk op zijn fundamentele rechten, is het de uitleveringsrechter die de verzochte uitlevering ontoelaatbaar dient te verklaren.
Duur die zal worden doorgebracht in de tenuitvoerlegging
Resterende straf
9.Slotsom
10.Advies aan de Minister
11.Toepasselijke artikelen
12.Beslissing
toelaatbaarde uitlevering aan Turkije van [naam] , geboren op [geboortedatum] 1980 te [geboorteplaats] (Turkije), tot tenuitvoerlegging van het hiervoor genoemde strafvonnis van de 4e Meervoudige Kamer voor Strafzaken te Istanbul Anatolië (‘Îstanbul Anadolu 4. Ağir Ceza Mahkemesi’) van 13 mei 2016.