ECLI:NL:RBSGR:2002:AF4439
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen toegangsweigering en vrijheidsontnemende maatregel vreemdeling
Eiser, een Iraakse vreemdeling, werd op 12 september 2002 de toegang tot Nederland geweigerd vanwege gevaar voor de openbare orde en nationale veiligheid. Tegelijkertijd werd een vrijheidsontnemende maatregel opgelegd en werd hij ondergebracht in het passantenverblijf van de Koninklijke Marechaussee op Schiphol.
Eiser stelde beroep in tegen deze besluiten en verzocht tevens om een voorlopige voorziening en schadevergoeding. De rechtbank oordeelde dat het horen van eiser in persoon geen wezenlijke bijdrage zou leveren aan de oordeelsvorming en dat het belang van eiser bij een 'day in court' niet opwoog tegen de veiligheidsrisico's.
De rechtbank stelde vast dat het verzoek om voorlopige voorziening niet spoedeisend was en dat het beroep ontvankelijk was. De rechtbank concludeerde dat de weigering van toegang niet evident onrechtmatig was, gelet op het ambtsbericht waarin eiser werd verdacht van betrokkenheid bij terroristische activiteiten.
De rechtbank wees het beroep en het verzoek om schadevergoeding af, omdat verweerder de maatregel redelijk had kunnen opleggen en de toepassing ervan niet onredelijk was. De uitspraak werd gedaan door voorzitter H.J. Tijselink op 1 oktober 2002.
Uitkomst: Het beroep tegen de toegangsweigering en vrijheidsontnemende maatregel wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening en schadevergoeding wordt afgewezen.