ECLI:NL:RBSGR:2003:AF5830
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning staatloze vreemdeling wegens onjuiste beleids- en motiveringsgrondslag
Eiser, een staatloze vreemdeling die sinds onbekende datum in Nederland verblijft, had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning op grond van klemmende redenen van humanitaire aard. Deze aanvraag werd aanvankelijk afgewezen, waarna diverse bezwaarschriften en beroepen volgden. De rechtbank stelt vast dat verweerder ten onrechte heeft geconcludeerd dat geen beperking was aangegeven bij de aanvraag, terwijl de door eiser aangegeven verblijfsgronden onder de beperking 'verblijf als vreemdeling die buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken' vallen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder het nieuwe recht, waaronder het driejarenbeleid, had moeten toepassen en dat het besluit niet met de vereiste zorgvuldigheid is genomen en onvoldoende is gemotiveerd. Tevens is het paspoortvereiste in dit geval niet van toepassing, aangezien eiser staatloos is en buiten zijn schuld Nederland niet kan verlaten.
Daarom vernietigt de rechtbank het besluit van 11 juni 2002 dat de bezwaarschriften ongegrond verklaarde en gelast verweerder een nieuw besluit te nemen. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten en dient de Staat der Nederlanden het griffierecht te vergoeden.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.