ECLI:NL:RBSGR:2005:AU0024
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C. Boeree
- H.B. van Gijn
- J. Recourt
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over visumweigering wegens solvabiliteit garantsteller en hoorplicht
Eiser, een Jordaanse student woonachtig in Marokko, verzocht om een visum voor kort verblijf in Nederland. Verweerder weigerde het visum omdat eiser niet kon aantonen over voldoende middelen te beschikken, mede omdat de garantsteller onvoldoende solvabel werd geacht. Verweerder interpreteerde de garantstelling als afkomstig van één solvabele derde, waarbij inkomens van meerdere garantstellers niet konden worden opgeteld.
Eiser stelde dat twee garantstellers zich hadden verbonden en dat verweerder ten onrechte de inkomens niet samenvoegde. Daarnaast voerde eiser aan dat verweerder de hoorplicht had geschonden door hem niet te horen alvorens het bezwaar af te wijzen. De rechtbank oordeelde dat de uitleg van verweerder over één solvabele derde voldoende gemotiveerd was en dat de hoorplicht een essentieel onderdeel is van de bezwaarprocedure.
De rechtbank stelde vast dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom de arbeidsongeschikte garantsteller niet als solvabel kon worden beschouwd en dat verweerder had moeten horen om meer duidelijkheid te verkrijgen over de economische en sociale binding van eiser met Marokko. Het besluit was daarom in strijd met artikel 7:2 van Pro de Awb. De rechtbank vernietigde het besluit en bepaalde dat verweerder binnen twaalf weken een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, het visumweigeringbesluit vernietigd en verweerder moet binnen twaalf weken een nieuw besluit nemen.