ECLI:NL:RBSGR:2006:AY5635
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking bijstand en terugvordering erfdeel na overlijden vader
Eiseres kreeg na het overlijden van haar vader een erfdeel van de ouderlijke woning, waarop een vruchtgebruik ten behoeve van haar moeder was gevestigd. Verweerder trok het recht op bijstand in en vorderde ten onrechte verleende bijstand terug over de periode 1998-2005. De rechtbank oordeelt dat het besluit tot intrekking van de bijstand onrechtmatig is omdat het niet nodig was voor de terugvordering en strijdig met de wet.
De terugvordering van bijstand op grond van het erfdeel is gegrond, aangezien eiseres vanaf het overlijden van haar vader aanspraak had op haar erfdeel, ongeacht het vruchtgebruik. De rechtbank volgt vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep dat terugvordering mogelijk is zonder voorafgaande intrekking van het recht op bijstand.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het besluit tot intrekking van bijstand, herroept dit besluit en bevestigt de terugvordering. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van het recht op bijstand wordt vernietigd en de terugvordering van ten onrechte verleende bijstand wordt bevestigd.