ECLI:NL:RBSGR:2006:AZ2573
Rechtbank 's-Gravenhage
- Schadevergoedingsuitspraak
- Rechtspraak.nl
Voortzetting vreemdelingenbewaring wegens frustratie identiteitsonderzoek en criminele antecedenten
Eiser is sinds 19 mei 2005 in vreemdelingenbewaring gesteld en heeft meerdere keren beroep ingesteld tegen deze maatregel, steeds zonder succes. Na bijna elf maanden onderzoek is een nieuwe identiteit van eiser ontdekt, ondersteund door documenten uit Spanje en bevestigd door een familielid in Nederland. Dit wijst erop dat eiser zijn ware identiteit bewust heeft verborgen gehouden.
Verweerder heeft het onderzoek voortgezet en maandelijks rappelleringen gedaan bij de Spaanse autoriteiten. De rechtbank oordeelt dat er zicht is op uitzetting en dat verweerder voldoende voortvarend handelt. De belangenafweging leidt tot het oordeel dat de voortzetting van de bewaring gerechtvaardigd is, mede vanwege de uitzonderlijke situatie dat eiser het identiteitsonderzoek niet alleen frustreert maar onmogelijk maakt.
De rechtbank benadrukt dat normaal gesproken na zes maanden vrijheidsontneming het belang van de vreemdeling om vrij te komen zwaarder weegt, maar in dit geval door de ernst van de contra-indicaties en het handelen van eiser deze omslag later plaatsvindt. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep tegen voortzetting van vreemdelingenbewaring af vanwege actieve frustratie van identiteitsonderzoek en criminele antecedenten.