ECLI:NL:RBSGR:2007:AZ9888
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.P.F. Slijpen
- Rechtspraak.nl
Vermindering aanslag onroerende-zaakbelasting voor woondeel verzorgingstehuis
Eiseres, eigenaar en gebruiker van een verzorgingstehuis bestaande uit meerdere bouwlagen met woonzorgunits en overige ruimten, maakte bezwaar tegen de aanslag onroerende-zaakbelasting 2006. De aanslag was gebaseerd op een heffingsmaatstaf waarbij het gehele pand als niet-woondeel werd aangemerkt. Verweerder had de aanslag verminderd door een deel van de onroerende zaak als woondeel te classificeren, maar eiseres vond deze vermindering onvoldoende.
De kern van het geschil betrof welk deel van de grond als woondeel kon worden aangemerkt. Eiseres stelde dat 48% van de waarde van de onroerende zaak aan woondoeleinden moest worden toegerekend, gebaseerd op een advies van de Waarderingskamer. Verweerder stelde dat slechts 31% van de waarde als woondeel kon worden beschouwd, mede vanwege de relatief grote grondoppervlakte en de ouderdom van het pand.
De rechtbank sloot aan bij de vuistregel van de Waarderingskamer en oordeelde dat de oppervlakte van de grond niet zodanig groot was dat hiervan moest worden afgeweken. Tevens werd meegewogen dat bewoners en bezoekers ook gebruik maken van de tuin, grasveld, terras en parkeerterrein, waardoor deze delen mede dienstbaar zijn aan woondoeleinden. Het beroep van verweerder op een advies van de VNG werd buiten beschouwing gelaten omdat dit niet tot de gedingstukken behoorde.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar, en bepaalde dat 48% van de waarde van de onroerende zaak als woondeel moet worden aangemerkt. De aanslag werd verminderd tot € 2.359. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van eiseres en tot vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De aanslag onroerende-zaakbelasting wordt verminderd door 48% van de waarde van de onroerende zaak als woondeel aan te merken.