ECLI:NL:RBSGR:2007:BB1785
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ontbreken relevant gewapend conflict in Turkije
Eiser, een Turkse Koerd, verzocht om een verblijfsvergunning asiel wegens vrees voor discriminatie en vervolging als dienstweigeraar. Hij stelde dat de situatie in Turkije was gewijzigd door de inwerkingtreding van de Definitierichtlijn 2004/83/EG, met name artikel 15 sub Pro c, die bescherming biedt bij ernstige schade door willekeurig geweld in een gewapend conflict.
De rechtbank overwoog dat de Definitierichtlijn rechtstreekse werking heeft, maar dat deze wijziging van het recht alleen relevant is indien sprake is van een binnenlands gewapend conflict. De rechtbank volgde de jurisprudentie van de ABRS dat hiervoor aanhoudende en samenhangende militaire operaties tussen georganiseerde gewapende groepen en reguliere strijdkrachten moeten zijn. Dit was niet vastgesteld voor Turkije ten tijde van het bestreden besluit.
Eiser kon ook geen nieuwe feiten of omstandigheden aanvoeren die een hernieuwde beoordeling rechtvaardigen. Zijn familiebanden met de PKK en vermeende oproepen tot militaire dienst werden niet geloofwaardig geacht. De aanvraag werd daarom terecht afgewezen op grond van artikel 4:6 Awb Pro. Het beroep werd ongegrond verklaard zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van een relevant gewapend conflict in Turkije.