ECLI:NL:RBSGR:2008:BD0956
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking verblijfsvergunning wegens strijd met standstill-bepaling Besluit 1/80
Eiser, een Turkse vreemdeling die sinds 2002 in Nederland verblijft, had een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met de beperking verblijf bij echtgenote. Na beëindiging van het huwelijk en een aanvraag tot wijziging van de verblijfsvergunning in arbeid in loondienst, werd zijn vergunning ingetrokken en zijn aanvragen afgewezen. Eiser stelde dat de aanscherping van het beleid in 1994, na een versoepeling in 1985, een nieuwe beperking vormt in strijd met artikel 13 van Pro Besluit 1/80, waardoor zijn aanvraag aan het versoepelde beleid van 1985 getoetst had moeten worden.
De rechtbank oordeelde dat de aanscherping inderdaad een nieuwe beperking is die niet toegepast mag worden volgens de standstill-bepaling in artikel 13 van Pro Besluit 1/80. Dit oordeel werd ondersteund door het arrest Tum & Dari van het Hof van Justitie en een uitspraak van de Raad van State. Verweerder had ten onrechte de aanvraag niet aan het versoepelde beleid van 1985 getoetst. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd.
Daarnaast werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van eiser en tot vergoeding van het door eiser betaalde griffierecht. Partijen werd de mogelijkheid gegeven om hoger beroep in te stellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot intrekking van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens strijd met artikel 13 van Besluit 1/80.