ECLI:NL:RBSGR:2008:BD0975
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening voor opvang asielzoeker ondanks ongewenstverklaring
Verzoeker, een Afghaanse asielzoeker, is ongewenst verklaard en zijn asielaanvraag is afgewezen. De opvang door het COA werd beëindigd op grond van deze ongewenstverklaring. Verzoeker stelde beroep in tegen het besluit tot weigering van opvang en vroeg om een voorlopige voorziening om opvang te verkrijgen totdat op zijn beroep tegen het afwijzende asielbesluit is beslist.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoeker recht heeft op opvang op grond van Richtlijn 2003/9/EG, omdat over zijn asielverzoek nog geen definitief besluit is genomen en zijn uitzetting is geschorst. De nationale regeling die opvang weigert aan ongewenst verklaarde vreemdelingen is mogelijk niet in overeenstemming met de Richtlijn.
De rechtbank wijst het verzoek toe, schorst het bestreden besluit en draagt verweerder op om opvang te verlenen totdat op het beroep is beslist. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van verzoeker.
Uitkomst: De rechtbank wijst de voorlopige voorziening toe en draagt verweerder op opvang te verlenen totdat op het beroep is beslist.