ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9128
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige staandehouding bij controle internationale bus en toekenning schadevergoeding
Eiser werd op 18 april 2008 staande gehouden tijdens een multidisciplinaire controle genaamd “Ochtendgloren” in een internationale bus ongeveer 100 kilometer van de grens. De staandehouding was gebaseerd op het ambtshalve bekende feit dat in dergelijke bussen regelmatig personen worden aangetroffen die illegaal Nederland proberen binnen te komen. De rechtbank stelde vast dat dit vermoeden onvoldoende objectief was, aangezien slechts 30 personen zonder rechtmatige verblijfstitel waren aangetroffen onder circa 15.000 gecontroleerde grensgangers, wat neerkomt op twee per duizend.
Eiser voerde aan dat hij in het bezit was van een geldig Duits verblijfsdocument en dat de staandehouding niet volgens de regels was uitgevoerd. Verweerder kon slechts aangeven dat de controle plaatsvond ter hoogte van hectometerpaal 117 langs de A1 en dat de hele bus was gecontroleerd. De rechtbank concludeerde dat de staandehouding in strijd was met artikel 50, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000.
Hoewel de inbewaringstelling op zich aan de wettelijke vereisten voldeed, was deze niet gerechtvaardigd gezien de onrechtmatigheid van de staandehouding en het ontbreken van voldoende belangen die de maatregel rechtvaardigen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, beval de opheffing van de bewaring per 27 mei 2008 en kende eiser een schadevergoeding toe van € 2.735,--. Tevens werden de proceskosten van € 644,-- aan eiser toegewezen.
Uitkomst: De staandehouding en bewaring van eiser waren onrechtmatig; bewaring wordt opgeheven en schadevergoeding toegekend.