ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9222
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Toewijzing voorlopige voorziening tegen uitzetting vanwege verslechterde veiligheidssituatie in Guinee
Verzoeker, een Guinese vreemdeling, diende op 2 juli 2008 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, die door verweerder op 9 juli 2008 werd afgewezen. Verzoeker stelde dat de veiligheidssituatie in Guinee sinds het negatief reisadvies van 28 maart 2008 aanzienlijk was verslechterd, met name door spanningen sinds het ontslag van premier Kouyaté en mogelijke geweldsuitbarstingen, vooral in de hoofdstad Conakry.
De voorzieningenrechter stelde vast dat hoewel verzoeker nog niet volledig had aangetoond dat er sprake was van een binnenlands gewapend conflict, hij wel het begin van bewijs daarvoor had geleverd. Verweerder had de aanvraag afgewezen op grond van artikel 4:6 Awb Pro wegens gebrek aan nieuwe feiten, maar de voorzieningenrechter oordeelde dat het negatief reisadvies en andere stukken een relevante wijziging van recht konden vormen.
Gezien de ernstige gevolgen van uitzetting en de onzekerheid over de uitleg van artikel 15, aanhef en onder c, van de Definitierichtlijn, gaf de voorzieningenrechter aan dat het belang van verzoeker bij afwachting van de hoofdzaak zwaarder woog dan het belang van verweerder bij uitzetting. Daarom werd de voorlopige voorziening toegewezen, uitzetting opgeschort en verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting van verzoeker blijft achterwege totdat op het beroep is beslist.