ECLI:NL:RBSGR:2008:BD9690
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ontbreken binnenlands gewapend conflict in Noord-Irak
Verzoeker, een Koerdische vreemdeling uit Noord-Irak, diende op 10 juli 2008 een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Hij baseerde zijn verzoek op geestelijke problemen en de slechte veiligheidssituatie in Noord-Irak, stellende dat sprake was van een binnenlands gewapend conflict zoals bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Richtlijn 2004/83/EG.
De Immigratie- en Naturalisatiedienst wees de aanvraag af op grond van artikel 4:6 Awb Pro, omdat er geen relevante wijziging in feiten of recht was ten opzichte van eerdere afwijzingen. De voorzieningenrechter oordeelde dat verzoeker onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er in Noord-Irak sprake was van een binnenlands gewapend conflict. De ambtsberichten van de Minister van Buitenlandse Zaken en media waren onvoldoende om dit te staven.
De rechtbank stelde vast dat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die een herbeoordeling rechtvaardigden. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open voor de voorlopige voorziening, maar wel is hoger beroep mogelijk bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.