ECLI:NL:RBSGR:2008:BE0034
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.C. Dedel-van Walbeek
- G.H.I.J. Hage
- J.L. Verbeek
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadeloosstelling bij onteigening kamerverhuurbedrijf in Den Haag
De rechtbank 's-Gravenhage heeft op 19 maart 2008 uitspraak gedaan in een zaak over de onteigening van een perceel met een café en een bovenwoning die als kamerverhuurbedrijf werd geëxploiteerd. De gemeente Den Haag was eiseres en [gedaagde] de eigenaar van het onteigende pand. De kern van het geschil betrof de vaststelling van de schadeloosstelling, met name de waarde van de bovenwoning en de bijkomende schade.
De deskundigen hadden de waarde van de bovenwoning vastgesteld op € 388.000, waarbij rekening was gehouden met een bruto aanvangsrendement van 9% en een huurwaarde van € 19.740 per jaar na aftrek van exploitatiekosten. De gemeente betwistte dit rendement als te laag, terwijl [gedaagde] een hogere huurwaarde aanvoerde. De rechtbank volgde het deskundigenrapport en verwierp de hogere huurwaarde van [gedaagde].
Daarnaast werd de bijkomende schade vastgesteld op € 78.352,50, inclusief kosten voor het geschikt maken van een vervangend pand en huurderving. De rechtbank oordeelde dat de belastingschade niet aannemelijk was. Ook werden de schadevergoedingen aan de huurders vastgesteld, respectievelijk € 5.697,50 en € 14.980,00. De gemeente werd veroordeeld tot betaling van de kosten van deskundigen en rechtsbijstand, waaronder een bedrag van € 35.888,10 voor de bijstand van [gedaagde].
Tot slot werd de gemeente veroordeeld tot betaling van wettelijke rente over de schadeloosstelling en werden nieuws- en advertentiebladen aangewezen voor publicatie van het vonnis.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de gemeente tot betaling van € 466.352,50 aan schadeloosstelling, vermeerderd met rente, en tot vergoeding van bijkomende schade, huurdersschade en kosten.