ECLI:NL:RBSGR:2008:BE8800
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Willink
- S.J. Hoekstra - van Vliet
- H.M. Boone
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen wegens ontbreken causaal verband tussen blootstelling aan Entonox en aangeboren afwijkingen
Eisers, verpleegkundigen werkzaam op de verloskamers van een ziekenhuis, vorderen schadevergoeding wegens gezondheidsrisico's door piekblootstelling aan Entonox, een mengsel van lachgas en zuurstof. Zij stellen dat deze blootstelling heeft geleid tot aangeboren afwijkingen bij hun kinderen en miskramen.
De rechtbank stelt vast dat het ziekenhuis vanaf 1997/1998 op de hoogte was of had moeten zijn van de mogelijke gezondheidsrisico's van lachgas voor zwangere werknemers en onvoldoende maatregelen heeft genomen ter bescherming. Daarmee is sprake van een schending van de zorgplicht volgens artikel 7:658 BW Pro.
Echter, het ziekenhuis heeft het bewijsvermoeden van eisers ontzenuwd door onder meer rapporten van deskundigen die aangeven dat er geen hard wetenschappelijk bewijs is voor een causaal verband tussen blootstelling aan Entonox en de aangeboren afwijkingen of miskramen. Ook methodologische tekortkomingen in het epidemiologisch onderzoek van eisers en andere risicofactoren zoals subfertiliteit en medicijngebruik spelen een rol.
De rechtbank concludeert dat het causale verband ontbreekt en wijst de vorderingen af. Eisers worden veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is gewezen door drie rechters en bij vervroeging uitgesproken op 21 mei 2008.
Uitkomst: De vorderingen van eisers worden afgewezen wegens ontbreken van causaal verband tussen blootstelling aan Entonox en aangeboren afwijkingen.