ECLI:NL:RBSGR:2008:BG4018
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Opheffing bewaring wegens ontbreken zicht op uitzetting naar China binnen redelijke termijn
Eiseres, een Chinese nationaliteit houdende vreemdeling, is op 15 april 2008 in bewaring gesteld. Zij heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van deze bewaring, stellende dat er geen zicht is op uitzetting naar China omdat sinds 2007 geen laissez-passers (LP's) worden verstrekt door de Chinese autoriteiten. De rechtbank heeft eerder een beroep tegen de bewaring ongegrond verklaard, maar nu staat het voortduren van de bewaring ter beoordeling.
De rechtbank overweegt dat de Chinese autoriteiten sinds april 2007 geen LP's verstrekken, ook niet aan gedocumenteerde vreemdelingen. Verweerder kon ter zitting geen concrete voortgang of structureel overleg met de Chinese autoriteiten aantonen, ondanks enkele contacten en overlegmomenten. Er is geen uitnodiging gedaan aan de Chinese autoriteiten om de problematiek te bespreken, en er is geen concreet zicht op een resultaat binnen een redelijke termijn.
Gezien het ontbreken van zicht op uitzetting binnen een redelijke termijn verklaart de rechtbank het beroep gegrond en beveelt de opheffing van de bewaring met ingang van 19 augustus 2008. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten ten bedrage van €644, te voldoen door de Staat der Nederlanden.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de bewaring wordt per 19 augustus 2008 opgeheven wegens ontbreken van zicht op uitzetting binnen redelijke termijn.