ECLI:NL:RBSGR:2009:BH7001
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- L. de Loor-Alwin
- T. van Rij
- A.E. Spiessens
- Rechtspraak.nl
Havenkranen zijn onroerende zaken voor overdrachtsbelasting
Eiseres betaalde overdrachtsbelasting over de aankoop van twee grote containerkranen en stelde bezwaar tegen de belastingaanslag. De rechtbank onderzocht of deze kranen als onroerende zaken moeten worden aangemerkt volgens civielrechtelijke criteria.
De kranen zijn in 2002 geleverd, gemonteerd op rails en bestemd om duurzaam ter plaatse te blijven voor het laden en lossen van zeeschepen. Ondanks dat zij technisch verplaatsbaar zijn en een toekomstige verhuizing gepland is, oordeelde de rechtbank dat de kranen duurzaam met de grond verenigd zijn vanwege hun omvang, gewicht, inrichting en beperkte bewegingsvrijheid.
De rechtbank verwierp het standpunt van eiseres dat de kranen roerend zouden zijn vanwege hun verplaatsbaarheid en de verkeersopvatting. Ook het feit dat de kranen voorbereid zijn op aanpassing aan andere spoorbreedtes en dat een verhuizing gepland is, leidde niet tot een andere kwalificatie.
Daarom zijn de kranen onroerende zaken in de zin van artikel 2 van Pro de Wet op belastingen van rechtsverkeer en is het beroep van eiseres ongegrond verklaard. Proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de overdrachtsbelasting is ongegrond verklaard omdat de kranen onroerende zaken zijn.