ECLI:NL:RBSGR:2009:BH7677
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bewaring vreemdeling onrechtmatig wegens ontbreken zicht op uitzetting binnen redelijke termijn
Eiser, een Chinese vreemdeling zonder rechtmatig verblijf en met verlopen documenten, werd in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000 vanwege het vermoeden dat hij zich aan uitzetting zou onttrekken.
Verweerder stelde dat er zicht was op uitzetting omdat een laissez passer was aangevraagd en een vlucht naar Shanghai was geregeld. De rechtbank volgde dit niet en verwees naar eerdere uitspraken waarin werd vastgesteld dat de Chinese autoriteiten niet bereid zijn een laissez passer te verstrekken voor in bewaring gestelde Chinese onderdanen.
De rechtbank concludeerde dat de bewaring van aanvang af onrechtmatig was en verklaarde het beroep gegrond. Tevens werd een schadevergoeding toegekend voor de periode van bewaring en werden proceskosten aan eiser toegewezen. De maatregel tot vrijheidsontneming werd met ingang van 24 februari 2009 opgeheven.
Uitkomst: De bewaring van eiser wordt onrechtmatig verklaard en opgeheven, met toekenning van schadevergoeding en proceskosten.