ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ3177
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling risico eerwraak en onvoldoende bescherming in Kosovo leidt tot toekenning verblijfsvergunning asiel
Eisers, afkomstig uit Kosovo, hebben asiel aangevraagd omdat zij vrezen te worden vermoord door hun families wegens het ontvluchten van een uitgehuwelijkte situatie en het aangaan van een relatie. De geloofwaardigheid van hun verklaringen is niet betwist. Verweerder stelde dat eiseres geen risico liep op eerwraak, verwijzend naar het ambtsbericht van december 2006 waarin staat dat vrouwen volgens de kanun zijn uitgesloten van bloedwraak.
De rechtbank stelt vast dat het hier niet gaat om bloedwraak, maar om eerwraak, en dat verweerder onvoldoende heeft gemotiveerd waarom vrouwen volgens de kanun ook bij eerwraak zouden zijn uitgesloten. Het Amnesty International-rapport toont aan dat vrouwen in de praktijk wel degelijk slachtoffer kunnen zijn van vergeldingsacties. Verweerder heeft niet weersproken dat ook eiseres risico loopt.
Daarnaast is vastgesteld dat de bescherming door de autoriteiten in Kosovo onvoldoende is. Verweerder kon niet aannemelijk maken dat er structurele, adequate bescherming wordt geboden die voldoet aan de vereisten van aard, omvang, intensiteit en duur die nodig zijn bij eerwraak. De beroepen van eisers zijn daarom gegrond verklaard, de bestreden besluiten vernietigd en verweerder opgedragen nieuwe besluiten te nemen. Tevens is verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De beroepen van eisers worden gegrond verklaard en de bestreden besluiten vernietigd wegens onvoldoende bescherming tegen eerwraak in Kosovo.