ECLI:NL:RBSGR:2009:BJ9725
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit Dublin-overplaatsing naar Griekenland wegens onvoldoende onderzoek
Eiser, een Somalische asielzoeker, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder wees deze af op grond van de Dublinverordening, stellende dat Griekenland verantwoordelijk was voor de behandeling van de aanvraag. Eiser stelde beroep in tegen deze beslissing.
De rechtbank behandelde het beroep en stelde vast dat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in haar uitspraak van 31 augustus 2009 vooral aandacht had besteed aan de detentieomstandigheden in Griekenland, maar niet expliciet aan de asielprocedure en de mogelijkheid voor de vreemdeling om vrijelijk te communiceren met het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Deze aspecten waren echter wel van belang in eerdere uitspraken en vragen van de President van het EHRM.
De rechtbank oordeelde dat verweerder niet zonder nader onderzoek kon volstaan met een enkele verwijzing naar het interstatelijk vertrouwensbeginsel. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit van 21 april 2009 vernietigd en verweerder opgedragen opnieuw te beslissen met inachtneming van deze uitspraak. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot overplaatsing naar Griekenland wordt vernietigd.